-
54. Voetbalspecial deel I, fan zijn en voetbaltaal

OVER FAN ZIJN EN PRATEN OVER VOETBAL
Voor de liefhebber ter gelegenheid van het komende Europese kampioenschap voetbal mannen
De laatste voetbalwedstrijd die ik zag was de finale van de Champions League die net een paar uur geleden is afgelopen en, niet verrassend, gewonnen werd door Real Madrid. Het zal dik 65 jaar geleden zijn dat ik voor het eerst een echte voetbalwedstrijd heb gezien. In 1958 heeft mijn oom Victor mij een keer meegenomen naar een thuiswedstrijd van Ajax. Ajax won en toen ook de tweede keer dat ik meeging Ajax de winnaar bleek, werd ik vanaf dat moment een jaar of twee altijd meegenomen als mascotte. Met succes, Ajax werd in 1959 en 1960 kampioen.
Suikerspin en broekje trekken
Ik kan me nog veel namen herinneren, voetballers die ik daar heb zien spelen. Uiteraard de Ajacieden Sjakie Swart en Pietje Keizer, Henk en Kees Groot, Bennie Muller, Co Prins. Die laatste maakte vaak effectieve overtredingen. Als een speler hem was gepasseerd rende hij er achteraan en trok dan aan het broekje van zijn tegenstander. Er waren nog geen gele en rode kaarten en ook geen voordeelregel, de scheidsrechter floot dan altijd en Ajax kon hergroeperen.
En ik herinner me Wim Bleijenberg die drie doelpunten maakte in de beslissingswedstrijd om het landskampioenschap in 1960, in een vol Olympisch Stadion. Tegen Feijenoord (5-1) en het was mooi weer.
Oom Victor schreef ook voor de krant en ik mocht na afloop van de wedstrijd een paar keer mee met hem mee naar de kantine waar de spelers na het douchen nog wat kwamen drinken. De spelers waren allemaal keurig gekleed, maar wat me opviel was hoe klein sommige voetballers waren. Maar misschien maakten de opgedirkte spelersvrouwen nog wel de meeste indruk, ze waren ook klein maar hadden allemaal hun haren toch wel een centimeter of dertig opgestoken waardoor zij met dit “suikerspinkapsel” boven hun mannen uitstaken.
Fan van voetbal
In de studententijd keek ik vaak met studiegenoten naar wedstrijden van Ajax. Op TV, bij Peter van Bueren, filmcriticus, maar meer nog Ajax-fan, thuis. Bij hem hebben we de beroemde wedstrijd tegen Liverpool gezien, het begin van de internationale roem van Ajax. De mensen thuis, de TV-verslaggever en het grootste deel van het publiek, konden door de dikke mist in het Olympisch Stadion niet zien dat er een doelpunt werd gemaakt, maar concludeerden aan het gejuich dat achter het doel van de tegenstander moest zijn opgestegen dat er weer één in zat. Uiteindelijk ook 5-1. Je kon er niets van zien, maar deze wedstrijd en het ongeloof over deze prestatie van Ajax zal nooit uit mijn geheugen verdwijnen.
Ik ben meer een fan van het voetbal, dan fan van een club, ondanks dat ik Ajax “mijn club” noem. Als er bij Ajax of het Nederlands elftal wordt verloren komt er bij mij al snel een berusting. Een koorgenoot vroeg mij of ik het niet moeilijk had met de slechte periode van Ajax nu. Ik zei: “Ik ben een mooi-weerfan, als het goed gaat razend enthousiast en als het niet goed gaat, nou dan is dat voetbal gewoon maar een spelletje”. Zijn reactie: “Nou, dat is een verstandige benadering, zo blijf je een blijmoedig mens”.
Praten over voetbal
Trainers spreken vóór en na de wedstrijden vaak voor de camera en hebben daar zo hun eigen taaltje. René Hake van Go Ahead gaf commentaar op een wedstrijd die ze gewonnen hadden, nadat ze eerst op achterstand stonden. Het was niet de eerste keer dat zijn team dat had geflikt: “We hebben wel meer potjes omgedraaid”.
En soms wordt er bewust omheen gedraaid. Het grote orakel Johan C. eens zei “Als ik zou willen dat je het begreep, zou ik het beter hebben uitgelegd.” En Louis van Gaal was een meester in het stellen van tegenvragen, zoals deze inmiddels klassieke: “Waarom stel je die vraag? Ben ik nou zo slim of ben jij zo dom!”
Het zijn niet de eerste de besten die ook over voetbal praten (en schrijven). Jean-Paul Sartre, schrijver en filosoof uit de vorige eeuw, zei eens dat voetbal een model of een metafoor was voor het leven. Een andere filosoof heeft, net als René Hake, een “potje omgedraaid”. Hij zei dat het omgekeerd was: het leven is een model of een metafoor voor voetbal; de schoonheid van het leven vinden we terug in het voetbal. Wat dat betreft kunnen we veel verwachten van de nieuwe trainer van Ajax, Franscesco Farioli; hij is filosoof en heeft die omdraaiing een jaar of tien geleden opgeschreven in zijn afstudeerscriptie.
Voetbal is poëzie
Van publiekszijde is er soms (ook) schoonheid te horen. Excelsior moest op 12 april winnen van Volendam om de kans op degraderen te verkleinen (“weg uit de gevarenzone”). Dus “het is er op of eronder”, kon ook uit de mond van een interviewer van de NOS worden opgetekend. De supporter met wie hij in gesprek was reageerde met een prachtig gedicht met beginrijm. Hij zei:
“Do or
die,
D-Day
dus”.
Jammer dat we van deze cultuuruitingen straks geen getuige meer kunnen zijn, als de publieke omroep geen sport meer mag doen.
Dan missen we trouwens ook Diederik Smit. Ik heb nog nooit zo gelachen over het programma van Lubach als bij deze aflevering. Prachtige voetbaltaal geprojecteerd op een schaap dat op 3 februari 2024 per ongeluk op een voetbalveld terechtkomt (vanaf 5min10).
Volgende week deel II over het juichen en het gemeenschapsinstinct
_ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _
Foto: http://www.nicepng.com
Reacties zijn van harte welkom; je kunt ze hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com.
Vind je dit berichten leuk, aarzel dan niet het door te sturen aan anderen. Op de website http://www.dewereldenvanjan.blog kan iedereen zich aanmelden door zijn mailadres daar achter te laten.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle 53 eerder verschenen berichten.
-
Tussentijds bericht

OVER WAT WAS EN WAT GAAT KOMEN
Op 31 december 2023 stuurde ik voor het laatst een bericht in de serie “De Werelden van Jan .. en alleman”. Ik kondigde een periode van drie maandan aan waarin ik geen blogjes zou toevoegen aan die serie en dat ik nog niet wist of en wat er daarna nog zou komen. Uit de titel van dit stukje zou je misschien al kunnen afleiden dat er na vandaag wel degelijk nog wat gaat komen.
De drie maanden
Die drie maanden zouden dienen om mezelf wat rust te geven, wat literatuur te lezen en te kijken waar gebieden liggen waar ik nog meer van zou willen weten. Van dat lezen en verdiepen is niets terecht gekomen. Het werk in het bestuur van het Koninklijk Haarlems Mannenkoor Zang en Vriendschap riep mij, vooral het voorbereiden van een concert (zie hieronder de PS). Zegge en schrijve één boek heb ik gelezen, maar dat boek was wel zeer de tijd waard die ik daaraan heb besteed 1).
Schoonmaak en ordening
En dan die zolder met om te beginnen een cv-hok waar we vanwege de daarin gestorte spullen helemaal niet meer in konden. Vijf weken heeft het geduurd; we zijn vijf keer naar de gemeentelijke werf gegaan met veel “restafval” en nog vaker naar “Zolder 23” waar je alles wat nog een beetje heel is kwijt kan. Ik koop er zelf ook wel eens wat. Zo kwam ik dat boek daar tegen dat ik wél heb gelezen en dat bleek ik daar, in een stapel met andere boeken van mijn jongste dochter, zelf een paar weken eerder te hebben afgeleverd. Dat is nog eens circulaire economie.
Er ging heel veel weg en wat er nu resteert is netjes opgeborgen in dozen, waaronder veel losse foto’s. Die ga ik op korte termijn niet allemaal uitzoeken, maar ik heb wel behoefte om een soort overzicht van mijn levensloop te vervaardigen, over waar en met wie ik wanneer woonde, op vakantie ging, over school en werk, vrienden, bijzondere gebeurtenissen en dat overzichtelijk in een nette Xcel (een spreadsheet of, zoals een hoogleraar informatica dat in de jaren tachtig noemde, een “spreidvel”) en dat wordt een soort inhoudsopgave van een levensarchief.
Santiago
Eén van de hoofdstukken van het levensarchief zal gaan over de grote, niet afgemaakte, voettocht naar Santiago de Compostela, die mijn vriend E. en ik eerst samenliepen en waar later nóg een vriend bijkwam, ook een E. Die laatste E. is vorige maand overleden. En dat bracht de behoefte boven water om die lange tocht, verspreid over vele jaren, nog eens goed te bezien en hoe dat nou eigenlijk in elkaar zat zo met elkaar.
En nu?
Over een week is het concert achter de rug waar ik veel tijd in heb gestoken. Er zal (maar dat denk ik al maanden) binnenkort meer ruimte zijn. En die wil ik graag gebruiken om mij voor te bereiden op een volgende serie berichten uit De werelden van Jan. Misschien met een wat minder strak format, maar dat moet ik zelf nog ontdekken. Ik zou zeggen: na de zomer verschijnen ze weer, “bij leven en welzijn”.
PS Nog een intermezzo
Op zondag 21 april zingt ons koor, met daarbij een bariton als solist (Jan Willem Baljet) en onze Gerrie Meijers voor de pianobegeleiding, het beste uit ons repertoire. Daarin een speciaal onderdeel van enkele liedjes over Haarlem of geschreven door Haarlemmers 2).
Als intermezzo in het programma zal Sylvia Hubers de stroom muzikale harmonieën onderbreken met gesproken woord. In mijn blog 29 Wees nou eindelijk eens jezelf liet ik haar al aan het woord over haar reactie als mensen tegen haar zeggen dat zij zichzelf moet zijn. Sylvia, enkele jaren geleden stadsdichter van Haarlem, draagt in het intermezzo onder meer het gedicht Zij zag mij en groette voor. En dat is op muziek gezet door onze dirigent Arno Vree. En wij, het mannenkoor, gaan dat zingen. Het wordt, en niet alleen daarom, een hele leuke en mooie middag.
O O O O O O O O O O O
1). Michel Houellebecq. Elementaire deeltjes.1998. Roman.
2). Concert Haarlemse Harmonieën, zondag 21 april 2024, wordt gehouden in het Verhalenhuis, van Egmondstraat 7, 2024 XL Haarlem Noord aanvang 14:30 uur. Kaarten à 10 euro (inclusief drankje achteraf) te bestellen bij info@verhalenhuishaarlem.nl.
-
53. De beste wensen

OVER GELUK EN HET EINDE VAN EEN REIS
Vandaag is de laatste dag van de reis van 52 weken door de Werelden van Jan (dat ben ik dus) en alleman. Deze laatste dag is er geen terugblik, geen uitgebalanceerde analyse van wetenschappelijke inzichten en geen overzicht van eigen ervaringen, beschouwingen of open deuren. En zeker geen A4’tje dat alle boeken over hoe het leven in elkaar zit overbodig zou maken (mijn stiekeme ambitie). Het is gewoon nog niet klaar. Het is nooit klaar. Dus daarom wou ik vandaag, als afsluiting van de reis, gewoon weer een blog schrijven. Over geluk. Want dat is wat we elkaar straks allemaal wensen. En ik had daar nog niet veel over geschreven,
Ik heb dat altijd moeilijke momenten gevonden. Op kantoor die eerste dag, zeker als ik als leidinggevende dan een toespraak moest houden. We hebben het goed gedaan afgelopen jaar, en het nieuwe jaar zit weer vol met uitdagingen en we gaan er met z’n allen weer enthousiast tegenaan en we gaan het nóg beter doen. En dan al die handen en soms onhandige kussen. En wat zeg je dan?
Nieuwjaarswensen
“De beste wensen” wordt er dan vaak gezegd. Daar heb ik nooit zoveel van begrepen. Ik heb altijd best wel wat wensen gehad, maar als dan “Beste wensen” tegen mij wordt gezegd, vindt diegene dan dat ik geen goede wensen heb? Moeten het betere, nee zelfs de beste wensen zijn? De kans dat die uitkomen is toch altijd kleiner dan wanneer je het op wat bescheidenere wensen houdt. Dus laat mij maar niet opgescheept zitten met uitgerekend de beste wensen.
Ik zei dan altijd “Gelukkig Nieuwjaar”. En dat wenste ik dan aan iedereen. En dat zeggen of schrijven heel veel mensen. En wat wens je dan? Dat die persoon dat jaar helemaal geen pech heeft? Dat hij niet ziek wordt, geen tegenslag meemaakt, geen ernstige ziekten of sterfgevallen in de familie? Een promotie in het werk? (Als leidinggevende kon ik bij de meesten al meteen vertellen dat dat er echt niet inzat dat jaar). Alle kinderen gezond én een diploma? Eigenlijk zeggen we dan met z’n allen dat we wensen dat de ijzeren wetten van het leven voor het komende jaar even in de ijskast worden gezet.
Geluk en succes
Gelukkig worden is blijkbaar heel erg belangrijk, een strevenswaardig doel. Een paar maanden geleden dacht ik daarom al dat het een mooi onderwerp zou zijn voor de laatste blog. De catechismus vertelde al heel lang dat we hier op aarde zijn om God te dienen en daardoor in het hiernamaals gelukkig te zijn. De mensen vonden dat hiernamaals wel wat ver en later hebben ze er daarom van gemaakt; hier en in het hiernamaals. Het lijkt er dus op dat het dienen van God werd gezien als een middel om het uiteindelijke doel te bereiken: gelukkig zijn.
Het is tegenwoordig één en al geIuk dat de klok slaat; het blad Happinez noemt zich “jouw gids voor spiritualiteit en geluk”, bij Bagels & Beans zeggen ze: “Het draait eigenlijk allemaal om jouw geluk” en er is zelfs een website geluk.com en die zegt dan te staan voor “Fun, Food & Fortune”, blijkbaar hun invulling van wat geluk is.
Ik ben vergeten waar ik het heb gelezen, maar ik las pas geleden het volgende. “Ons hoogste streven lijkt te zijn om gelukkig te zijn, maar het leven gaat er helemaal niet om om gelukkig te zijn.” En toen dacht ik: misschien is geluk als zodanig, net zoals succes, wel een overgewaardeerd iets om naar te streven. Die uitspraak zet toch wel een heleboel op zijn kop; althans in mijn hoofd. Dat is iets waar ik nog eens op moet kauwen. Daar heb ik zo snel geen reactie op. En daarom wil ik het voor wat betreft het geluk hier even bij laten vandaag.
Ik ben benieuwd wat je straks, om 00:00 uur op 1 januari 2024, tegen je mede-Oud-en Nieuwvierders gaat zeggen. Zelf weet ik het nog niet.
Hoe nu verder?
En wat gebeurt nu na die reis van 52 weken met 53 reisverslagen?
Allereerst liggen er nog een paar onderwerpen waarvan ik in de blogs heb gezegd: daar kom ik later nog op terug. En dat heb ik in die 53 berichten niet gedaan. Ik noem er maar een paar:
- de lessen van de hondentrainster
- sex: over chemie, geuren, mannelijkheid en vrouwelijkheid, verliefdheid, uiterlijkheden, afkortingen, gedrag en normen
- de waarnemer, één van die personen in je hoofd, die misschien te weinig ruimte krijgt
- energie (“alles is energie” zegt mijn geliefde vaak)
- intuïtie, algoritmes en AI
- schuld en schaamte.
En natuurlijk die vaag over geluk.
En misschien moeten we nog wat langer stilstaan bij de liefde?
De reis laat best nog wat open eindjes zien, wat hoekjes die overgeslagen zijn of die ik nog wat beter wil bekijken. Ik wil mijzelf nog wat meer verdiepen in ons bewustzijn en we hebben het niet gehad over karakter, temperament en stemmingen. Maar ook van die kwantumdeeltjes zou ik meer willen weten.
Maar ik heb het idee dat ik in het afgelopen jaar zo bezig ben geweest met het maken van deze blogs, dat verdieping, het rustig beschouwen en het op me in laten werken er wat bij is ingeschoten.
En de zolder moet ook een keer worden opgeruimd.
Je zult het de komende (minimaal) drie maanden daarom zonder wekelijkse blog moeten stellen. Eerst ga ik dus lezen, nadenken, misschien niets doen, wandelen, wat praten hier en daar en misschien komt daar nog een keer wat uit. En die zolder natuurlijk. En ik laat na die drie maanden wel wat van me horen.
Ik dank je hartelijk voor je aandacht en reacties. Wil je mij nog wat meegeven ter overdenking, misschien een onderwerp dat je hebt gemist, of wat dan ook, laat dat dan weten in een reactie hieronder of mail mij privé op koetjwm@gmail.com.
Ik sluit af met een tekst 1) die oorspronkelijk een gebed was (“geef mij’), maar die je ook mag beschouwen als mijn wens voor jou (“ik wens je”)
- geef mij/ik wens je de kalmte om te accepteren wat je niet veranderen kunt
- geef mij/ik wens je de moed om te veranderen wat je kunt veranderen
- geef mij/ik wens je de wijsheid om het verschil te weten.
O O O O O O O O O O
1)Reinold Niebuhr, Amerikaans theoloog, 1892 -1971
lIlustratie ook deze keer weer van: Johan Leo Koet
Vind je dit bericht leuk, aarzel dan niet het door te sturen aan anderen.
Ben je nog geen abonnee en mocht je toch eventuele latere berichten van mij willen ontvangen laat dan op http://www.dewereldenvanjan.blog je emailadres achter.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle eerder verschenen 52 berichten met de reacties die daarop zijn gekomen.
-
52. Een liefdevolle Kerst

OVER HET BEWEGEN NAAR EENHEID
Morgen is het Kerstmis en vanavond, op Kerstavond, wordt er al op veel plaatsen in huiselijke kring feest gevierd en daarna begint in talloze kerken in de christelijke wereld een kerstnachtdienst, vaak de meest bezochte dienst per jaar.
En moet het daarom vandaag in dit stukje over de liefde gaan?
Van en voor ouders
Daar is best wel aanleiding voor. Het gaat immers over de geboorte van Jezus en als ik het goed heb, is dat de enige dag per jaar die aan een geboorte is gewijd. En als er iets met liefde te maken heeft is het toch wel een geboorte. Vaak is de vrucht ontstaan in een liefdesrelatie en dan is er na een tijdje een nieuw leven, een nieuwe mens. Een magisch moment; wat tot dan toe verbonden was wordt gescheiden. Maar vanaf dat moment gebeurt er van alles in het lichaam van de ouders. Een grote hormonale golf zorgt voor prikkels bij de ouders om het kind vast te houden en te verzorgen. En het lichaam van de moeder is klaar om bij eerste aanraking van de zoekende mond van de baby te zorgen voor het voeden.
En de vader, daarbij spreek ik even voor mijzelf. Toen de oudste was geboren lag ze achter glas met een paar andere baby’s. Er kwamen mensen op kraambezoek en die hoorde ik, wijzend op mijn dochter, zeggen: “Ik geloof dat die het is”. Ik zei meteen, verontwaardigd, dat het míj́n dochter was, hoe konden ze nou zo dom zijn! En ik kan me herinneren dat ik op de dagelijkse ochtendwandeling, twintig jaar later, de pasgeboren tweeling in de kinderwagen voor mij uitduwend, mijn ogen helemaal niet van ze af kon houden. Om het er voor altijd in te prenten leek het wel, een levenslange liefdesband en een eeuwige eenheid werd gesmeed.
“De Liefde”
Ik kan mij niet herinneren dat het woord liefde in mijn ouderlijk huis ooit gevallen is. Ja, het ging vaak over “De Liefde”, maar dat was dan de naam van de kerk tegenover ons in de Bilderdijkstraat in Amsterdam (die officieel Rooms Katholieke Parochiekerk van de H.H.Nicolaas en Barbara heette) 1) en waar we trouw naar de kerk gingen; altijd op tijd want een kwartier voor tijd stond mijn zusje, twee jaar jonger dan ik, met kerkboek in de hand en netjes aangekleed voor het raam om ons te vertellen dat we moesten opschieten omdat ze al heel veel mensen onderweg naar de kerk zag lopen. De benaming van de kerk had natuurlijk niets te maken met de wereldse liefde, maar met die van God, liefde die in de bijbel onder meer wordt aangetoond doordat “God zijn eniggeboren Zoon gezonden heeft in de wereld, opdat wij zouden leven door Hem” (1 Johannes 4:9, 10). Daar werd thuis nooit over gesproken. Maar ook niet over de wereldse liefde.
Die liefde, gebouwd op aantrekkingskracht tussen twee mensen, kom je tegen, of niet. Je kunt er niets over leren van tevoren. Je hebt misschien wel iets van een verlangen, een beeld, een sfeer van romantiek vermengd met sex meegekregen van films, boeken en liedjes die over de liefde gaan. Maar het gaat niet altijd meteen goed.
De één die wil de ander
Zij kusten elkaar een man en een vrouw en de man zei: “Ans, ik hou van jou” Maar zij heette Els, de vergissing was groot en Els was heel boos en de liefde was dood. Bij onweer en bliksem en wenende maan is hij toen maar naar Ans gegaan.
Dat was dus Ramses Shaffy 2), dat ging heel snel. Soms kan het ook te lang duren en is het te laat, zoals in een lied van Wim Sonneveld, “Lieveling”, dat minder geschikt is om op een dag als vandaag af te spelen.
En hoe is zoiets dan begonnen? Die eerste aantrekking, waar zit dat in? Mensen noemen bijvoorbeeld: een prachtige bos dik zwart haar, een mooi afgetraind lichaam, humor, of “omdat hij iets vaderlijks had”, zielsverwantschap 3), verdronken in haar ogen, etc. Toen een vriendinnetje van mij terugblikte op de derde ronde van onze knipperlichtrelatie zei ze: “Ik heb je handen altijd heel mooi gevonden”. Ik dacht: Shit, is dat alles? En moet je me nu zien met een gerimpeld vel, vastzittende gewrichten en door de artrose kromgegroeide vingers. Met haar eindigde het knipperlicht terecht op rood.
Levenspartners
Op mijn 22e ging ik met mijn eerste partner samenwonen, maar ik had geen idee wat dat eigenlijk in zou houden. Ik wist wel dat ik dat heel graag wou. Maar verderop op de Prinsengracht woonden verschillende mooie vrouwen, Jenny Arean bijvoorbeeld, die ik dagelijks zag en aan de achterzijde van onze woning keken we uit op een zolderkamer, waar tegen het middaguur elke dag een welgevormde vrouw met blote borsten vrolijk de gordijnen en ’s zomers het raam opendeed. Die zetten mijn fantasie wel in gang en maakten ideeën over het scheiden van liefde en sex in mij los, maar het heeft uiteindelijk nooit tot iets buitenechtelijks geleid. Het werd met mijn eerste levenspartner snel routine, een vanzelfsprekendheid met een knusse huiselijkheid en we zijn negentien jaar bij elkaar gebleven.
Met mijn geliefde uit “Part II” van mijn leven beleef ik nu al meer dan dertig jaar elke dag wel een liefdesgevoel. Niets liever dan dicht bij elkaar zijn. En wat heeft ons samengebracht? We hebben elkaar leren kennen zonder dat we iets afwisten van elkaars maatschappelijke status of positie en toen hebben we snel ontdekt dat we niets liever wilden dan in fysieke zin dicht bij elkaar zijn en we hadden een diep vertrouwen dat het goed was om samen verder te gaan. En dat is altijd zo gebleven.
En we hebben die fasen allebei ook wel ervaren, zoals die beschreven staan in de bladen (Flow, Happinez, Margriet) en websites als mensengezondheid.nl, met eerst de dopamine-gestuurde opwinding met verhoogd testosteron in de verliefdheidsfase, waarop later het knuffelhormoon voor de hechting en continuïteit kan gaan zorgen. Maar die wetenschap doet voor mij niets af aan het bijzondere gevoel dat bij mij daaruit voortvloeit en in de loop van de tijd is er bij mij steeds meer sprake van een gevoel van overgave aan de liefde.
Liefde verenigt
Hierboven ging het over de liefde tussen levenspartners, ouders en kinderen, maar er is ook vaderlandsliefde, clubliefde, liefde voor een vak of een beroep of voor de gemeenschap waarin je werkt. Niet te vergeten dieren, de natuur, sport en laatst vertelde een vriend over de liefde die zijn vader, timmerman, koesterde voor de instrumenten die hij in zijn vak gebruikte.
Bij onze geboorte worden we afgescheiden van een groter geheel en raken we die eindeloze omhulling kwijt. Van die afgescheidenheid word je je waarschijnlijk pas bewust als je jezelf gaat ervaren als “ik” ten opzichte van anderen. De verbinding die je in de liefde kunt ervaren doet het gevoel van afgescheidenheid min of meer teniet. In het denken, in je hoofd, ben je altijd alleen, maar in de liefde niet. Je “ik”, niet meer dan een gedachtenconstructie, verdwijnt een beetje in het ervaren van een groter geheel. Of, zoals Barry Long schreef, 4): “De liefde beweegt zich altijd in de richting van eenwording. Zij is de verenigende kracht in de schepping en zij vernietigt de verdeling.”
Ik wens je een liefdevolle Kerst.
O O O O O O O O O O O O O O
1)Aan de kerk was ook verbonden: Huize De Liefde (nu heet het De Nieuwe Liefde) op de Da Costakade, een parochiehuis met een feestzaal, vergaderruimtes waar ik als koorknaap meedeed met de repetities van het kerkkoor en een bioscoop, waar uiteraard stichtelijke films werden gedraaid.
2)Ramses Shaffy. Wil de ander (album: Shaffy Chantant). 1966
3)Deze voorbeelden noemde Jacques Klöters in zijn Facebookbericht van 26 juli 2023
4)Barry Long. Knowing Yourself, The True in the False. 1999
Illustratie: Johan Leo Koet
Vind je deze berichten leuk, aarzel dan niet ze door te sturen aan anderen.
Op de website http://www.dewereldenvanjan.blog kan iedereen zich aanmelden voor wekelijkse toezending door zijn of haar mailadres daar achter te laten.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle eerder verschenen berichten.
Reacties zijn van harte welkom; openbare reacties kun je hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com.
-
51. De apps van het bewustzijn

ERVARINGEN VAN GEBRUIKERS
Al zolang wij leven, ook vele eeuwen terug al, beschikt de mens over een aantal instrumenten waarmee we kunnen waarnemen, voelen en denken. Met deze instrumenten, in deze blogs noem ik ze apps, wordt al heel lang gewerkt. Vandaag staat de vraag centraal: hoe bevallen die apps eigenlijk, welke ervaringen hebben we ermee? Tijd voor een selectie van reacties van gebruikers.
De apps
Eigenlijk zijn we de apps van ons bewustzijn op deze reis al vaak tegengekomen. Alle apps kunnen door het bewustzijn actief worden ingeschakeld, maar de apps geven ook zelfstandig signalen door aan het bewustzijn. Dit zijn ze:
Waarnemingen buiten: zien
horen
ruiken
proeven
voelen (de tastzin)
Waarnemingen binnen: bodyperceptie
De gevoelswereld: stemming en koersen
De denkwereld: het denkhoofd
Ervaringen met de apps van “waarnemingen buiten”
De vijf apps zien, horen, ruiken, proeven en voelen (tastzin), links op het scherm, geven ons informatie over wat er buiten ons lichaam is. Zonder deze apps kunnen we niet overleven, want hoe vind je bijvoorbeeld iets eetbaars? Maar zonder deze apps zouden we ook geen onderscheid kunnen maken tussen de buitenwereld en dat wat wij “ik” noemen.
Een greep uit wat gebruikers rapporteren over deze apps:
- “Je ziet of hoort altijd wat je wilt zien en wat je in je verwachtingspatroon hebt zitten (positief of negatief). Later blijkt vaak dat je het toch niet goed hebt waargenomen.”
- “Als ik naast mijn vriend zit en ik vang zijn geur op, word ik helemaal warm, die herken ik uit duizenden (als hij niet te veel geurtjes heeft opgespoten).”
- “Ik krijg er altijd gratis wat bij: als ik aan een bepaalde leraar denk, of ik zie iemand die op hem lijkt, dan zie ik altijd voor mij hoe hij mijn klasgenoot sloeg en dan word ik alsnog boos. Lijkt een beetje op spam, ik heb er niet om gevraagd.”
- “Everywhere I turn seems like everything I see reflects the love that used to be.” 1)
- “Eigenlijk werkt het heel mooi: je hebt maar heel weinig informatie nodig om te weten wat er aan de hand is. Je geheugen wordt erbij gehaald en je krijgt informatie waar je wat mee kan.”
Ervaringen met de app Bodyperceptie
Er gebeurt van alles in ons lichaam, dag en nacht gaat dat door. De app bodyperceptie geeft informatie over: druk, temperatuur, onrust, pijn en misselijkheid, maar zorgt er ook voor dat je je evenwicht kunt bewaren en dat je weet waar bijvoorbeeld je handen zich bevinden.
- “Ik heb nu alweer vijf kwartier achter de computer gezeten. Hoog tijd om de benen even te strekken. Ik voel ook mijn schouders strak staan.”
- “Als ik stevig gesport heb, voel ik alles tintelen, soms spierpijn door de verzuring, maar gewoon een lekker gevoel. Dan ervaar ik dat ik leef!”
- “Ik voel me de laatste tijd wat opgejaagd, kan me niet goed ontspannen.”
- “Er zijn verschillende uitspraken in omloop over de oudste beweging ter wereld. Maar de eerste beweging van een individueel mens is de ademhaling. De laatste beweging ook trouwens. Als ik een tijdje mijn adem volg, word ik heel rustig, een trouwe metgezel die me ook nog eens in leven houdt.”
- “Ik heb ontdekt dat het met de bodyperceptie net zo is als met denken: als je een onaangename gevoelens wil wegstoppen, lukt het je ook minder of niet (zonder schadelijke middelen) om een aangenaam gevoel te ervaren in je lichaam.”
Ervaringen met de app Stemming en Koersen
Deze app geeft een mentale vertaling van wat er in het lichaam gebeurt naar aanleiding veranderingen in de omgeving, producten van je eigen denkwereld of signalen uit je lichaam. De app doet verslag van “bewegingen in het gemoed”: de gevoelswereld met de emoties zoals we die kennen met als basis de 4 b’s: blij, bedroefd, bang, boos. De emoties hebben een belangrijke rol in het sociale systeem van de mens (maar ook in dat van zoogdieren).
Enkele reacties van gebruikers:
- “Wij zijn allemaal rupsjes-nooit-genoeg, er op uit om steeds meer te krijgen, en langer en met meer gemak te leven, maar ik word pas echt boos als er iets van me wordt afgepakt.”
- “Tot nu toe draait mijn leven vooral om het settelen, maatschappelijk een mooie positie krijgen en gewaardeerd worden door collega’s, vrienden en bekenden. Aan veel andere dingen kom ik eigenlijk niet toe.”
- “Je hoort soms in reclames: “Check de socials”. Nou ik doe niets anders hoor, ik wil niks missen.”
- “Wij hebben een hartstikke leuke groep met elkaar. Ik ben blij dat ik niet op die andere afdeling werk, die denken allemaal dat ze beter zijn.”
- “Ik pas me makkelijk aan, op mijn werk ben ik heel anders dan bij mijn vrienden en weer anders op de sportschool. Soms ben ik daarover een beetje in de war, vooral als ik bijvoorbeeld op de sportschool iemand van mijn werk tegenkom.”
- “Als ik me niet gelukkig voel, ga ik naar de psych; dat moet toch te fiksen zijn?”
Ervaringen met de app Het denkhoofd
Interessant hierbij is natuurlijk dat deze reacties feitelijk voor een belangrijk deel door het denkhoofd zelf zijn opgesteld, het is een soort zelfbeschouwing.
- “Er is iets dat Pipo 2) kon, wat ik ook heel graag zou willen kunnen, namelijk het op- en afzetten van mijn denkhoofd. Want, zoals bij bijna iedereen, gaat het denkhoofd bij mij bijna de hele dag door. Het schijnt daarbinnen best stil te kunnen zijn, maar door dat gekwebbel hoor ik het niet. Allemaal stemmen door elkaar.”
- “Ik heb soms het gevoel dat als ik niet meer zou werken, dat ik dan niet meer weet wie ik zou zijn. Daar denk ik dan vaak over.”
- “Ik lees wel eens over bewoonbare planeten “in de buurt”, maar dan blijken die zover weg te liggen dat een mens daar never nooit kan komen. En dan vraag ik me af waarom er zoveel denkcapaciteit wordt besteed aan het ontstaan en het einde van het heelal, terwijl we ondertussen nu op deze aarde tientallen miljoenen mensen aan hun lot overlaten.”
- “Mijn geheugen werkt een beetje als ChatGPT: je stopt er een vraag in, je krijgt snel een antwoord, maar waar je geheugen dat vandaan haalt is nogal onduidelijk. En soms doet ie niets als een weigerachtig paard, terwijl ik weet dat ie het moet weten. Kortom, ondoorzichtig en onvoorspelbaar. Maar ik zal het ermee moeten doen.”
- “Ik heb gezien hoeveel hele en halve waarheden er in mijn hoofd zaten die mijn kijk op het leven en mijn gevoel daarover sterk hebben beïnvloed. Het was een soort bevrijding toen ik ze ter discussie ging stellen.”
Het algemene beeld
Wat duidelijk uit de reacties blijkt, is dat er een voortdurende interactie plaatsvindt tussen de verschillende apps: het denken dat het gevoel beïnvloedt, de waarnemingen die je meteen aan het denken zetten, emoties die 1-op-1 met fysieke veranderingen te maken hebben, etcetera.
Het kost de meeste gebruikers wel een behoorlijke tijd om goed met de apps overweg te kunnen. Er is niet echt een handleiding voor beschikbaar, terwijl het voor een optimale gebruikerstevredenheid handig is kennis te hebben van de nodige tips & tricks. Er zijn wel cursussen beschikbaar maar die bestrijken vaak maar een deelgebied en ze beloven vaak meer dan ze kunnen waarmaken. Opvallend is dat ook in het onderwijs hier weinig tot geen aandacht aan wordt besteed.
De meeste gebruikers hebben de nukken, verrassingen en beperkingen van de apps geaccepteerd, een kwestie van Instelling; de apps van het bewustzijn worden over de hele wereld intensief gebruikt. En iedereen weet: het zal wel een paar eeuwen duren voordat er een volgende versie beschikbaar zal zijn; we zullen het met deze nog even moeten doen.
O O O O O O O O O O O
1). Diana Ross and the Supremes. 1967.
2) Pipo de Clown was een kindertelevisie-serie voor voor-het-slapen-gaan tussen 1958 en 1980. Anders dan op deze film staat vermeld is dit niet de eerste uitzending, maar een aflevering uit 1960 waarin het denkhoofd centraal staat.
-
50. Byron & Biggles

OVER DE REALITEIT
Byron & Biggles is niet een nieuwe keten bij wie je behalve vegetarisch eten en drinken ook je dagelijkse geluksmomenten kunt halen. Het is ook geen winkel voor deurbellen, intercoms en dames- en herenkleding. Byron & Biggles zijn twee mensen (van wie één fictief) die mij geholpen hebben om in het leven zo veel mogelijk te zoeken naar de realiteit, naar de feiten.
Byron is Byron Katie, een inmiddels 80-jarige Amerikaanse vrouw die tijdens een depressie een soort openbaring kreeg over haar denken. Ze zag de feiten van haar leven onder ogen en de manier waarop ze daar altijd omheen had gelopen met haar overtuigingen. Overtuigingen die bij haar uiteindelijk tot depressiviteit hadden geleid. Zij heeft toen een eenvoudige methode ontwikkeld die kan helpen om af te komen van negatieve gedachten die vaak gewoonweg niet kloppen. Haar aanpak bestaat uit vier simpele vragen die je loslaat op de beschrijving van een voor jou ongewenste situatie. En komt met haar benadering ook bij de feiten terecht.
Paul
Met mijn geliefde en mijn oudste dochter hebben we een paar keer een sessie van Byron Katie meegemaakt in de RAI in Amsterdam. Ze zet dan de 1000 man in de zaal aan het werk (zij noemt haar methode dan ook The Work) en iedereen vult een formulier in en benoemt een stressvolle situatie met iemand anders (opvallend vaak vader, moeder en partner) die in de gedachten nog vaak terugkomt. En dan schrijft iemand bijvoorbeeld op: “Ik word verdrietig, omdat Paul niet van me houdt” en schrijft ook op wat Paul allemaal verkeerd heeft gedaan of nagelaten en wat hij anders had moeten doen en wat hij of zij nooit meer met hem wil meemaken.
De vier vragen
En dan komen die vragen 1) over alle dingen die je daar hebt opgeschreven:
- Is het waar?
- Kun je absoluut zeker weten dat het waar is?
- Hoe reageer je, wat gebeurt er, wanneer je die gedachte gelooft?
- Wie zou je zijn zonder die gedachte?
Veel mensen reageren op vraag 1 in eerste instantie met: natuurlijk is het waar, ik zeg toch geen onzin. Maar je moet een stapje maken om voor jezelf vast te kunnen stellen of je van die ene uitspraak misschien toch niet helemaal zeker bent en vaak is dat zo. Je kunt bijvoorbeeld wel veel feiten opnoemen over het gedrag van Paul, maar kun je daar dan wel uit concluderen dat hij niet van je houdt? Al die feiten moet je dus allemaal langslopen met die vraag. En dan zeg je misschien: helemaal zeker weet ik het niet.
Als je gelooft dat Paul niet van je houdt, dan worden daar natuurlijk allerlei gevoelens aan gekoppeld: miskenning, eenzaamheid, verdriet, bedrogen voelen, weinig eigenwaarde, etc. Terwijl je het dus niet zeker weet.
En dan komt de vierde vraag: Wie zou je zijn zonder die gedachte. Ik zie die vraag vanuit het idee dat we elk moment opnieuw het beeld dat wij hebben van de omgeving en van onszelf samenstellen. En dat zelfbeeld wordt voor een deel bepaald door normen, waarden, beelden en oordelen die niet zo gemakkelijk veranderen. Als je die gedachte over Paul kunt loslaten, een gedachte die misschien al jaren aanwezig is, ziet je wereldbeeld en je zelfbeeld er dus heel anders uit. Maar dat lukt alleen maar als je er in stilte naar kijkt en op je in laat werken.
… en dan omgekeerd
Byron Katie voegt aan dit proces nog omkeringen toe. Ze nodigt de mensen uit om te proeven of er iets van waarheid zit in het tegenovergestelde: “Ik hou niet van mezelf”, “Paul houdt wel van me” of “Ik hou niet meer van Paul”. 2) Dat laatste kan dan een beetje lijken op “Wat je zegt ben je zelf” (met je kop door de helft, met je kop door de muur, ben je morgen zuur), maar het geeft nog een extra kans om alles wat er om die uitspraak over Paul heen zit na te lopen, om uiteindelijk te weten te komen wat de realiteit van nu is in plaats van de verhalen, de beelden en de oordelen die vaak niets meer zijn dan bevroren verleden met een projectie naar de toekomst. En natuurlijk kan het zijn dat Paul echt niet meer van je houdt, maar dan hoef je daar niet meer over te peinzen, maar kun je actie nemen, bijvoorbeeld door bij hem weg te gaan.
Voor Byron Katie staat als een paal boven water dat het niet de feiten zijn die ons ongelukkig maken, maar onze gedachten daarover. En dat het daarom zo belangrijk is om je gedachten te onderzoeken. En dat onderzoek is dus niet gericht op het creëren van positieve gedachten, maar op het zien van de realiteit.
Zij deed mij van de week opeens beseffen dat als ik met iemand, wie het ook is, zit te appen, dat ik dan een beeld, een gedachte voor me heb van degene met wie ik app, samengesteld uit allerlei fragmenten uit het verleden. Met de meningen, oordelen en alles wat die persoon oproept. Maar dat is en blijft een creatie van mijn geest, fantasie dus eigenlijk. En niet de realiteit van die persoon. Hoe vaak nemen we dan de gelegenheid om die persoon echt te bekijken, te zien zoals hij of zij is? Juist als er dan frictie ontstaat, ruzie, een meningsverschil of een irritatie is dat een mooi moment om te kijken wat voor beelden er omheen hangen en te toetsen of die wel kloppen. Met de realiteit.
Biggles (volledige naam James Bigglesworth) is de hoofdpersoon van een serie Prisma-jeugdboeken uit de jaren ’60. Hij was mijn held: gevechtspiloot, spion en detective van de afdeling Luchtpolitie van Scotland Yard. Hij was slim, stak na elke geslaagde actie een sigaret op en had een mooie benadering die mij altijd is bijgebleven:
“ Als je met een vliegtuig in de lucht bent, is alles in orde of het is niet in orde.
Als alles in orde is, hoef je niet te tobben.
Als niet alles in orde is, kunnen er twee dingen gebeuren. Of je valt of je valt niet.
Als je niet valt, is er geen reden om te tobben.
Als je wel valt, kunnen er twee dingen gebeuren. Of je raakt gewond, of je raakt niet gewond.
Als je niet gewond raakt, hoef je niet te tobben. Als je wel gewond raakt, kunnen er twee dingen gebeuren.
Of je wordt beter, of je gaat dood.
Als je beter wordt, is er geen reden om te tobben.
En als je dood gaat, kun je niet meer tobben.” 3)
Biggles stond en staat voor mij voor het nuchter analyseren van de situatie en het nuchter kijken naar de feiten. En is wat dat betreft nog steeds mijn held. En Byron Katie dan mijn heldin.
O O O O O O O O O O
1)Byron Katie. Vier vragen die je leven veranderen. Oorspr. Loving what is. 2002.
2)Een mooie sessie van Byron Katie met iemand uit de zaal vind je op https://www.youtube.com/watch?v=fRRvQx18OTE
3)Op de website viervragen.nl kun je gratis de werkbladen met de vragen downloaden.
4)W.E. Johns. Biggles begraaft de strijdbijl, 1960; uitspraak van de hoofdfiguur Biggles op achterkant van dit Prismaboekje.
Illustratie: Johan Leo Koet
Vind je deze berichten leuk, aarzel dan niet ze door te sturen aan anderen.
Op de website http://www.dewereldenvanjan.blog kan iedereen zich aanmelden voor wekelijkse toezending door zijn of haar mailadres daar achter te laten.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle eerder verschenen berichten.
Reacties zijn van harte welkom; openbare reacties kun je hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com.
-
49. David (& Victoria)

OVER EMOTIONELE INTELLIGENTIE
Afgelopen dagen heb ik gekeken naar de serie Beckham op Netflix. De serie heeft grote indruk op me gemaakt en heeft me laten zien hoe een beroemdheid onder extreme omstandigheden toch overeind is gebleven.
David Beckham was een topvoetballer, geboren in 1975, maar ik had geen beeld van hem. Ik denk dat ik in die tijd niet zoveel naar voetbal keek als nu. David Beckham was ook een beroemdheid omdat hij trouwde met Victoria Adams, één van de Spice Girls, een topmeidengroep uit die tijd die ik ook alleen maar ken omdat mijn jongste dochter met haar medezangeressen uit The Syrens op school een keer een lied van The Spice Girl heeft gezongen 1).
David was vanaf zijn jeugdjaren verbonden aan Manchester United, waarmee hij in 1997 kampioen werd én de Europese Champions League won. En toen hij het jaar erop ook in het nationale elftal van Engeland ging meedoen aan het Wereldkampioenschap waren de verwachtingen hoog gespannen. Alles ging goed in Parijs tot de 30e juni 1998 toen Engeland tegen Argentinië moest spelen in de achtste finale. Het stond 2 – 2 toen David door de Argentijn Diego Simeone naar de grond werd gewerkt; toen Beckham voorover op de grond lag en Simeone over hem heen stapte, ging Beckham zijn rechtervoet omhoog, raakte daarmee het achterbeen van Simeone, die het uitschreeuwde en neerstortte alsof hij door een explosieve drone was geraakt (ook al bestonden die toen nog niet). De scheidsrechter gaf Beckham een rode kaart, de Engelsen moesten met tien man verder spelen en konden niet winnen en werden door het penalty-schieten uiteindelijk uitgeschakeld. En toen brak de hel los en de wereld van David Beckham stond op zijn kop.
Van held tot schande der natie
De zelfbeheersing, de impulscontrole, die van David Beckham op dat moment werd gevraagd stond ver weg van wat heel Engeland toen liet zien. De reacties van teleurstelling en woede (schelden, uitfluiten, doodsbedreigingen) en het wijzen naar één zondebok, lieten tegelijk zien wat voor blind vertrouwen er was in de grootsheid van het elftal, de grootsheid van de natie en de grootsheid van het ego van alle bewoners ervan. Je hoorde niemand erover dat het toch wel héél dom was dat ze op dat moment niet beter stonden dan 2 – 2, dat er slecht penalty was geschoten en dat er nog drie tegenstanders daarna verschalkt hadden moeten worden (Nederland, Brazilië en Frankrijk zouden later hun tegenstander zijn geworden). Nee, als Beckham niet zo stom was geweest, zou Engeland wereldkampioen geworden zijn.
Zakelijk handelen
Eén groep hield het hoofd koel. Dat waren de tabloids, de sensatiekranten, die niets anders deden dan het voeding geven aan die grote volkswoede. Ze wisten precies wat ze moesten schrijven om de kranten verkocht te krijgen en dat was: geen rustige analyse, geen relativering, geen beschouwing, maar vertellen hoe erg ze als natie in de steek zijn gelaten door die arrogante, eigenwijze en onbeheerste Beckham.
In de serie zien we wat die massale woede hem aandeed in de maanden en misschien wel jaren daarna; alsof het leven uit hem was geslagen, hij keek dof uit zijn ogen en het duurde een hele tijd voordat hij zijn zelfvertrouwen als voetballer weer terugkreeg en als het ware revanche kon nemen. En we zien hem ook nu aan het woord, als 47-jarige, en hij vertelt dat hij er nog steeds mee bezig is. Het was niet handig, hij was op dat moment emotioneel gezien niet intelligent.
Fundamentele levenskunst
Een eerste vereiste van emotionele intelligentie 2) is het erkennen van de emotie bij jezelf. Ik denk dat David Beckham heel goed wist dat hij door Simeone (inmiddels al vele jaren succesvol trainer van Atletico Madrid) bewust ten val was gebracht 3). Beckham was woedend, dat wist hij zelf heel goed, maar hij kon de impuls om hem een trap uit te delen niet weerstaan.
De tweede stap van emotionele intelligentie is emotieregulatie, die had dus onmiddellijke na de actie van Simeone dus moeten zorgen voor een interne cooling down. Ontzettend lastig met die adrenaline die toch al zo hoog is bij zo’n wedstrijd. Ik denk dat alle voetballers tegenstanders kennen die het bloed onder je nagels vandaan trekken, maar er wordt niet in elke wedstrijd geslagen of nagetrapt. Het onder controle houden van je reacties is een onderdeel van de professionaliteit. Jezelf kunnen kalmeren is een fundamentele levenskunst.
De emotie die Beckham na afloop van die wedstrijd te verwerken kreeg was gigantisch: afwijzing door een hele natie, schaamte, schuldgevoelens, desoriëntatie, etc. Ik kan me de voortdurende gedachtenstroom voorstellen die na vele jaren nog dagelijkse om de hoek kwam kijken.
Zoals toen ik zelf van mijn functie als leidinggevende werd ontheven (niet te vergelijken natuurlijk). Ik had daarna tientallen dingen bedacht die ik daar helemaal fout had aangepakt en die na vele jaren nog steeds in mijn hoofd langs kwamen en dat ik dan telkens nog een stem hoorde: “Je moet je schamen, Jan!”
Maar het slijt.
… en weer opstaan
En zelfmotivatie is daarbij een belangrijke motor. Toen ik dat eerste deel had gezien dacht ik: dat komt nooit meer goed, die man is voor eeuwig beschadigd. Maar na deze en nog vele andere tegenslagen stond Beckham weer op en ging er met zijn teammaten tegenaan, als een soort wraak, genoegdoening, scoringsdrift, maar je ziet hem ook genieten van het spel en van de verslavende werking van applaus van duizenden.
Ook op de laatste twee voorwaarden van emotionele intelligentie was Beckham heel erg sterk. Het onderkennen van andermans emoties is iets wat je in hechte teams altijd ziet, zoals het elkaar steunen in moeilijke tijden, elkaar zien. Het omgaan met relaties heeft in de serie een grote plek, waar hij al vrij jong met Victoria Beckham een relatie (én kinderen) kreeg en met wie hij altijd (nou ja, altijd, hij heeft “naar het zich laat aanzien” ook wat gehad met “onze” Rebecca Loos) een koppel en gezamenlijk front tegen de buitenwereld vormde: hun gezin was een plaats van geborgenheid en is dat nu nog.
1)Youtube. The Syrens. Wannabe van The Spice Girls (tot 48:55)
2)Daniel Goleman. Emotionele Intelligentie. 2013
3)Diego Simeone zegt in de Netflix-serie zelf dat zijn ter aarde storten en pijn uitschreeuwen “uiteraard” allemaal toneelspel was en dat de scheidsrechter nooit een rode kaart had mogen geven.
Illustratie: Johan Leo Koet
Vind je deze berichten leuk, aarzel dan niet ze door te sturen aan anderen.
Op de website http://www.dewereldenvanjan.blog kan iedereen zich aanmelden voor wekelijkse toezending door zijn of haar mailadres daar achter te laten.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle eerder verschenen berichten.
Reacties zijn van harte welkom; openbare reacties kun je hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com.
-
48. De gedachten zijn vrij

OVER VRIJHEID
Op zijn Facebookpagina heeft Jacques Klöters een paar jaar geleden een gedicht geplaatst met de titel “De Gedachten Zijn Vrij”. 1) Toen ik die titel las dacht ik meteen: die gedachten kunnen dan wel vrij zijn, maar kan ik zelf wel vrij zijn van mijn gedachten? Zijn wij wel de baas over de gedachten? Zijn wij wel vrij om te denken wat we willen?
In het gedicht wordt ervoor gepleit om de mooiste fantasieën te creëren in heimelijke dromen. De dichter zegt dat hij immer de zorgen wil verjagen zodat hij ook nimmer met spoken zal worden geplaagd. Nou, dat klinkt eenvoudiger dan het is. Je moet niet denken dat negatieve gedachten wegblijven als je maar positieve gedachten produceert. Zo werkt het niet. Het gedicht is anoniem en ik denk dat hij of zij bewust heeft nagelaten het met zijn/haar naam duidelijk te ondertekenen, omdat hij/zij anders zou zijn aangesproken op het niet effectief zijn van de adviezen.
Het stoppen van de gedachtestroom, de associatietrein, is mogelijk zonder er iets voor in de plaats te stellen. De meest directe manier die ik (onregelmatig en te weinig) gebruik heb ik geleerd bij de Australiër Barry Long, van wie ik met mijn geliefde een aantal sessies heb bijgewoond en tientallen tapes en boeken in huis heb. Het is eenvoudig: je doet je ogen dicht en richt je aandacht op een ruimte achter je navel waarin zich niets bevindt, een lege donkere ruimte. Die ruimte is eigenlijk je kern. Het is er stil, een staat, zo zei Barry Long dan, waar het leven zich bevindt voordat het vorm heeft gekregen, maar daar moet je dus niet over nadenken. Als je je aandacht ten volle richt op niets is er geen ruimte en geen aanleiding voor gedachten. En als je dat, in het begin misschien maar een paar seconden, later tot wel twintig minuten, volhoudt zul je je daarna een stuk vrediger kunnen voelen. 2)
Ik zat een keer een kwartier op een stoel en constateerde dat er die keer wel niets van een gedachtenloze sessie meer zou komen. Ik zei tegen mezelf: “Je mag best denken”. Een oorverdovende stilte volgde. Ik dacht: wat nou, mag het een keer doet ie het niet (dat was natuurlijk wel een gedachte). Ik zeg het nog een keer en er komt weer geen gedachte. Alsof de denker zich verzette tegen een verbod op stilte. En zei: “ik bepaal zelf wel wanneer ik stil ben en wanneer niet, ik laat me niet commanderen”.
Ik heb ook wel gehoord van een techniek om niet te denken: je stelt je een muizenholletje voor en je gedachte als een muis. Je gaat daar als een kat voor het muizenholletje zitten wachten met al je aandacht op die muis die daar uit moet komen. Maar die muis denkt: “ik ben niet gek” en je kunt, in stilte, wachten tot je een ons weegt.
Het is voor veel mensen gemakkelijker om de gedachtestroom tot stilstand te brengen door het concreet richten van de aandacht. Mindfulness is een goed voorbeeld daarvan. In de mindfulness-oefening leer je je aandacht te richten op fysieke aspecten, concreet: je eigen lichaam. Dat is op zich al waardevol, omdat je daardoor meer “in je lijf” kunt komen en beter de signalen kunt opvangen die je eigen lichaam geeft. Ook gaat er een ontspannende werking van uit op het lichaam.
Maar het belangrijkste bij mindfulness is de mentale activiteit als zodanig:
– je richt je aandacht op, bijvoorbeeld, je linkerhand (actie)
– je houdt de aandacht daarop gericht (aanhouden van gerichtheid)
– je constateert dat je die aandacht hebt verloren (opmerkzaamheid)
– je richt je opnieuw op die hand (actie).
Elke keer dat je weer terugkomt bij die hand, heb je je vaardigheid getraind en ben je beter in staat om aandacht te geven aan hetgeen jij aandacht wil geven.
De “uitvinder” van mindfullness, Jon Kabat Zinn, vindt niet dat we een strijd moeten aangaan tegen gedachten; hij stelt: ze zullen er altijd zijn. Hij heeft een mooi verhaal over gedachten als luchtbelletjes, die ergens beneden ontstaan en naar de oppervlakte opstijgen waar ze zichtbaar voor je worden, maar waar je ze ook weer één voor één kunt zien verdwijnen 3).
Overigens is Sudoku ook heel goed om een tijdje zonder de associatietrein te zijn, want probeer maar eens te kijken welke cijfers er wel of niet in dat ene hokje passen terwijl je ondertussen zit de denken aan je boodschappenlijstje. Dat gaat dus niet. Maar je aandacht wordt hier vooral gevoed door de aangename pufjes die je hormonen afgeven bij elk cijfer dat je denkt een goede plek te hebben gegeven. Zonder die pufjes is het gauw gebeurd met de aandacht voor de sudoku denk ik.
Flow
Flow is niet alleen een blad met maandelijkse adviezen om af en toe niets te doen en, in het volgende nummer, adviezen over wat je kunt doen als je je verveelt, het is ook een begrip dat je tegenwoordig vaak hoort als iets waar je in kunt zitten. En als je in de flow zit zijn er geen gedachten omdat je balanceert op iets waar ten volle je vaardigheden voor nodig zijn en er anderzijds spanning is over de vraag of je het gaat halen. Je weet dat als je gaat denken, dat het dan niet meer goed gaat. Zoals Ronald de Boer die bij Barcelona net teveel spanning had, waardoor hij niet meer wist hoe hij een bal moest schieten; hetgeen dan op een gegeven moment dan ook niet meer lukte. Bergbeklimmers zoeken situaties op die de dood betekenen als je dan faalt. Dat hebben ze er voor over, want die volledige concentratie geeft ze een heerlijk gevoel. Het begrip “flow” is geïntroduceerd door Mihály Csíkszentmihályi, een Amerikaans-Hongaarse psycholoog; hij schreef “Flow” in 1990. Zelf bood hij vooral een uitdaging aan degenen die hem bij congressen en dergelijke moesten aankondigen, slechts een enkeling kwam er zonder kleerscheuren en met een euforisch gevoel vanaf.
Piekeren
Een beetje piekeren af en toe kan geen kwaad. Bij chronisch piekeren komt er geen einde aan en leidt het piekeren per definitie tot niets. Ik geloof niet dat ik tot de categorie chronische piekeraars behoor, maar het overkwam me niet lang geleden dat ik op straat liep en constateerde dat ik op dat moment gedachteloos was. Ik schrok ervan en dacht: “Moest ik niet over iets denken?” Toen ik dat gedacht had, realiseerde ik me dat het doorlopende denken een soort gewoonte is, waarbij ik me blijkbaar ongemakkelijk voel als ik daarmee in een moment van onoplettendheid niet bezig ben.
Tenslotte: de vrije wil in 50 woorden
Mijn wandelmaat, ex-collega en vriend Evert organiseerde bij hem thuis, alweer dik vijftien jaar geleden, een reeks filosofie-avonden waarop aan de deelnemers onder meer werd gevraagd om hun idee over de vrije wil op te schrijven in 50 woorden. Mijn bijdrage, gedateerd 21 januari 2007, zag er als volgt uit:
“
vrij
van wat je ervan vinden moet
van wat je moet
en je doet wat je doet
vrij
van de mummies in je hoofd
van gebalsemd verleden
en je doet wat je doet
vrij
te proeven steeds opnieuw
zinnen pijn liefde en stilte
en je doet wat je doet
zijn
“
O O O O O O O O O O O
1)Het hele gedicht
DE GEDACHTEN ZIJN VRIJ
De gedachten zijn vrij
Wie raadt ze daarbinnen?
Zij dansen voorbij
Als nacht’lijke schimmen
Geen mens kan ze naken
Geen jager ze raken
Laat wezen wat zij:
De gedachten zijn vrij!
Ik denk mij wat ik wil
In heimlijke dromen
Haar zoetheid laat ik stil
Mijn harte doorstromen
Mijn wens en begeren
Kan niemand mij weren
Laat wezen wat zij:
De gedachten zijn vrij!
En spert men mij geboeid
In duistere toren
Hun zorgen en moeit’
Gaan alle verloren
Gedachten als vuren
Doen storten de muren
En zold’ring daarbij!
De gedachten zijn vrij!
Daarom wil ik immer,
de zorgen verjagen,
en zal mij ook nimmer
met spoken meer plagen
Men kan toch daar binnen,
steeds lachen en minnen
en denken, wat ook zij:
de gedachten zijn vrij !
tekst en muziek uit het Duits anoniem 18e eeuw
Nederlandse vertaling van ?
De eerste regel was een bekend troost gevend spreekwoord. Cicero kende het, in Agricola’s spreekwoordenverzameling komt de uitdrukking voor en Heine gebruikte haar. Dit lied is waarschijnlijk ontstaan in het midden van de 18e eeuw in Zuid- Duitsland of Zwitserland en is een uitdrukking van de Verlichting. De grote bekendheid komt van Von Arnim die het opnam in zijn beroemde bundel Des Knaben Wunderhorn [1805-1808]. Gustav Mahler heeft er in 1905 een muzikale bewerking van gemaakt.”Op Facebook geplaatst door Jacques Klöters op 11 juli 2020.
2) Eén van de eerste toespraken die ik van Barry Long hoorde stond op een tape getiteld “How to stop thinking”; in tien lessen zegt hij van alles over het stoppen van het denken, waarbij hij zegt dat hij je niets te denken geeft (want dat was niet de bedoeling, daar wou je juist van af); gevolg is wel dat je na afloop bij eerste afluisteren eigenlijk niets hebt onthouden. Maar nog steeds de moeite waard, vind ik: https://www.youtube.com/watch?v=NAaxaYQptfc&t=718s
3) “Your thoughts are bubbles” https://www.youtube.com/watch?v=w8Nsa45d0XE
Illustratie: Johan Leo Koet
Vind je deze berichten leuk, aarzel dan niet ze door te sturen aan anderen.
Op de website http://www.dewereldenvanjan.blog kan iedereen zich aanmelden voor wekelijkse toezending door zijn of haar mailadres daar achter te laten.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle eerder verschenen berichten.
Reacties zijn van harte welkom; openbare reacties kun je hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com.
-
47. De creator en het toeval

EEN KORT VERHAAL
Het was al een lange tijd stil. G was in rust en straalde een diepe vrede uit. Als je hem zo zou zien (maar dat kan natuurlijk niet) zou je denken: die heeft het voor elkaar.
L zat naast hem. Lange tijd (zeg maar gerust een eeuwigheid) had hij gezwegen. En hij wachtte. Dat is het lot van L: hij weet nooit van tevoren wanneer er iets te doen is. Maar dan zei hij vaak tegen zichzelf: “hij kan zomaar vallen en dan ga ik aan de gang om te bepalen waar en wanneer dat dan precies gaat gebeuren”.
Hij wist van de afgesproken rolverdeling: G is de creator en L werkt het uit. Maar het leek of er al een tijdje niets was gebeurd; dat G ermee opgehouden was en dat G hem eigenlijk ook niet nodig had.
Hij trok de stoute schoenen aan (bij wijze van spreken dan), hij was immers niet gewend om G naar zijn plannen te vragen en L wilde hem zeker niet de indruk geven dat hij ontevreden was over G of dat hij ongeduldig werd.
- “Het is zo stil, G, het is zo lang geleden dat ik iets gezien heb dat u heeft gecreëerd. Ik vroeg me af: kan ik nog wat verwachten van u binnenkort?”
– “Beste L, misschien merk je het niet, maar er gebeurt heel veel en ik moet zeggen: dat voelt goed. Ik ben niets anders dan creatie. Maar daar heb je niets van gemerkt. Om het een beetje rustig te houden heb ik bij elke creatie die ik maakte direct ook zijn tegenovergestelde gemaakt. Die twee heffen elkaar dan meteen op en je merkt er dus niets van. Die grote stilte hier is één grote levendigheid van perfecte tegenstellingen. En dat bevalt mij prima. Op deze manier heb ik al verschillende universa gemaakt. Ja, ik weet dat dat een beetje raar klinkt, want een universum is eigenlijk al alles, het heelal, het gehele tijd-ruimte continuüm met alle materie en energie, maar daar heb ik er dus gewoon meerdere van gemaakt.”
– “Maar betekent dat dan dat er voor mij niets meer te doen is?”
– “Ja, dat klopt wel, ik hou van rust, er is steeds een evenwicht, dus hoef ik niet in te grijpen en jij ook niet.”
– “Maar we hadden toch afgesproken dat jij zou zorgen voor de creatie en dat je het daarna overlaat aan mij?”
– “Het bevalt mij erg goed zoals het nu is. Ik heb het zo gedaan dat het meteen goed is. Geen sores aan mijn hoofd. Maar ik geef toe dat jij er dan voor spek en bonen bijzit.”
– “Je zou toch een universum kunnen maken waarbij je alleen maar het allereerste begin creëert en dat ik er dan mee verder ga?”
– “Nou, OK, omdat je zo aandringt”, zei G, “als ik me er daarna ook maar niet mee hoef te bemoeien.”
En G nam een diepe ademteug en bij de volgende uitademing werden in een nieuw universum de eerste kiemen gelegd met een grote potentie voor groei en ontwikkeling. L kon direct aan de gang en hij heeft zich sinds die start, ergens tussen 13,7 en 20 miljard jaar geleden alleen maar bezig gehouden met miljarden maal miljarden keuzes die gemaakt moesten worden. En zo zal het wel een tijdje doorgaan, maar hoe en hoe lang, dat zal aan een menselijk wezen, ook een product van L, nooit kenbaar zijn.Naschrift
Ik heb dit verhaal opgeschreven omdat ik heb ervaren hoezeer mensen gebukt kunnen gaan onder verhalen met een andere kleur. Vol toorn, erfzonde, uitverkoren zijn of niet, wedergeboorte, eeuwige verdoemenis zelfs voor gelovigen die niet uitverkorenen zijn, etcetera, etcetera.
Zelf heb ik het verhaal geleerd van vergevingsgezindheid van een almachtige die voor iedereen die goed leeft een plaats heeft. Ik ben blij dat ik nooit een verhaal opgedrongen heb gekregen waaraan ik grote angst en onzekerheid heb overgehouden.
In het verhaal van vandaag in deze blog komen straffen en beloningen in de toekomst niet voor. Maar het is maar een verhaal.
Illustratie: Johan Leo Koet
Vind je deze berichten leuk, aarzel dan niet ze door te sturen aan anderen.
Op de website http://www.dewereldenvanjan.blog kan iedereen zich aanmelden voor wekelijkse toezending door zijn of haar mailadres daar achter te laten.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle eerder verschenen berichten.
Reacties zijn van harte welkom; openbare reacties kun je hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com.
-
46. Geloof, hoop en liefde

OVER VERTROUWEN EN ONZEKERHEID
Misschien ligt het aan de tijd van het jaar. Dat we in de donkerte wat meer beschouwend zijn en dan met die Dag van de Stilte, Allerheiligen en Allerzielen erbij langzaam naar de Kerstsfeer kruipen en onszelf een beetje terugtrekken, terwijl de stroom van de fysieke energiesappen wat dunner wordt, zoals in die van de bomen en struiken. Dat ik daarom nog even stil sta bij een paar van die grote begrippen in het leven. En dat ik vandaag een bekende trits onder de loep neem.
De titel van dit stuk is wat misleidend, want over de liefde zelf gaat het nauwelijks, behalve daar waar de drie begrippen als een soort eenheid worden samengebracht, in de bijbel. Er komt nog een aparte blog over “de liefde” en over de hoop ben ik ook heel kort vandaag, dat maak ik ook nog wel een keer goed.
In kerkelijke kringen
Als je geloof, hoop en liefde intypt op Google kom je niet meteen bij de religieuze betekenis terecht, eerst komt bol.com met gouden kettinkjes met een kruis, een anker en een hart, vervolgens komt er een Ylink naar een Youtube-video van Jantje Koopmans met die titel en een CD van het Urker Mannenkoor, maar dan komen snel de sites die verklaren dat de drie begrippen helemaal bij elkaar horen, dat het goddelijke deugden zijn en dat het de apostel Paulus was die ruim twintig jaar na de dood van Jezus daarover heeft geschreven in een brief aan de Korinthiërs. Het komt er op neer dat het gaat over geloof in God, hoop op het eeuwige leven dat hij heeft beloofd en dat alles gebeurt op basis van de liefde van God, die zelf liefde is.
Ik heb zelf de Oefening van Geloof vroeger wel geleerd. Die moesten we allemaal hardop opzeggen in de klas. Het was, op mijn negende jaar denk ik, mijn eerste kennismaking met cirkelredeneringen: “Ik geloof alles wat Gij hebt geopenbaard, en door de heilige Kerk ons leert. Dat geloof ik vast, omdat Gij het hebt gezegd, die alles weet en altijd waarheid spreekt.”
Er is ook een Oefening van Hoop. En die begreep ik ook niet helemaal. “Ik hoop (..) van U te verkrijgen: de eeuwige zaligheid en alle genaden, die ik daarvoor nodig heb. Dat hoop ik met een vast vertrouwen, omdat Gij het hebt beloofd, die almachtig zijt, oneindig goed voor ons en getrouw in uw beloften. Heer, versterk mijn hoop!”
Ik zou zeggen: beloofd is beloofd, dat moet dus genoeg zijn, een zekerheidje dus; extra hoop vragen aan God lijkt dan overbodig. 1)
En dan is er nog de Oefening van Liefde, een liefdesverklaring aan God, waarbij tegelijk wordt gezegd dat “ik uit liefde voor die God ook alle mensen bemin als mijzelf”, waarbij blijkbaar wordt uitgegaan van een positief saldo zelf-liefde, iets wat blijkens veel publicaties de laatste tijd geen vanzelfsprekendheid is.
Hoop en geloof
Hoop en geloof hebben gemeen dat het gaat over onzekere zaken die in de toekomst liggen of buiten je gezichtsveld. Eigenlijk heb ik niets met de begrippen geloven en hopen. Je gaat voor waar aannemen wat onzeker is en in de hoop verbind je daar bovendien een wens, een verlangen aan, en je verbindt je er als het ware emotioneel aan. Je zult in het leven altijd moeten handelen met een onzekere toekomst en dan is het praktisch daarvoor aannames te doen, maar geloof ze niet!! En verbind je emoties niet aan dat toekomstbeeld.
“Ik geloof” volgens Lennaert
Al twintig jaar staat De Avond van Boudewijn de Groot in de top 10 van de Top 2000. Een prachtig lied, met een refrein dat bijna iedereen kent.
Want je kunt niets zeker weten en alles gaat voorbij.
Maar ik geloof, ik geloof, ik geloof,
Ik geloof, ik geloof in jou en mij.
In deze tekst komen geloof, hoop en liefde samen. Lennaert schreef dit lied in 1973 voor zijn toenmalige geliefde Anja Bak. Ze waren net samen, want ze hoefde nu ’s avond niet meer op de fiets naar haar eigen plek. Lekker romantisch kijken ze hand in hand naar buiten waar de regen valt.
Maar dan zegt hij: ik zie het vuur van hoop en twijfel in je ogen en ik ken je diepste angst. En dan het lijkt toch een beetje moeizaam te zijn van haar kant. Ze hoopt op een prachtige relatie, maar ze vertrouwt het toch niet helemaal. Het kan best zijn dat die diepste angst van Anja wel eens verlatingsangst zou kunnen zijn, ontstaan doordat ze in de steek is gelaten door haar ouders, eerdere partners of door Lennaert zelf. En dat ze toch aarzelingen heeft om zich aan deze persoon te binden.
Zou Anja getroost worden door de opmerking dat je niets zeker kunt weten en dat alles voorbij gaat? Lennaert geeft aan dat hij er wel vertrouwen in heeft in die relatie, hij “gelooft” er in. Tegelijk zegt hij dat hij morgenochtend wakker wordt met de geur van brood en honing, dat hij dan het licht door de gordijnen ziet en dan opeens weet: het verleden geeft geen zekerheid.
Als je dan zeven keer vijf maal in dat lied zegt “ik geloof”, inderdaad in totaal 35 keer, zou dat overtuigen? Of is het een bezweringsformule van Lennaert om het zichzelf aan te praten? Elk refrein met vijf keer “ik geloof” begint op een bepaalde toonhoogte en bij het derde “ik geloof” wordt een dalende muzieklijn ingezet. Wat is de betekenis daarvan? Zou hij er steeds wel helemaal bij zijn met zijn gedachten of gaan zijn gedachten elke derde en volgende keer “ik geloof” naar het borreltje in de kroeg, zijn andere liefde. De uitspraak dat je niets zeker kunt weten wordt daarentegen steeds indringender gebracht naarmate het lied vordert, zoiets van “Ik zeg het je nog één keer: ik geloof er wel in, maar ik kan je natuurlijk niets beloven!”Het is wel jammer dat je in dit lied maar één kant van de zaak hoort, maar we weten wel dat Anja en Lennaert een jaar nadat Lennaert dit had geschreven toch met elkaar zijn getrouwd en daarna zijn ze, tot 1984, bijna tien jaar samen geweest.
Boudewijn de Groot is dit lied pas gaan zingen toen hij zelf met diezelfde Anja ging trouwen in 1996. Zijn interpretatie, intiemer en warmer dan die van Rob de Nijs, die het meteen in 1973 heeft opgenomen, kwam in 1999 in de Top 2000, was in 2005 de nummer 1 en is sindsdien niet meer uit de beste 10 verdwenen. Wat Boudewijn en Anja er nou echt van vinden dat weten we natuurlijk niet. Maar mooi is het wel, om thuis alleen te horen, of als je het met een paar duizend man mee kunt zingen.
O O O O O O O O O O O
1) Predikanten benadrukken ook dat de hoop die hier wordt bedoeld niets te maken heeft met wereldse verlangens. In de Heidelbergse catechismus van 1563 wordt over hoop niet gesproken; dat zal er wel mee te maken hebben, namelijk dat het voldoende is om te geloven.
2)
llustratie: Johan Leo Koet
Vind je deze berichten leuk, aarzel dan niet ze door te sturen aan anderen.
Op de website http://www.dewereldenvanjan.blog kan iedereen zich aanmelden door zijn mailadres daar achter te laten.
Op http://www.dewereldenvanjan.blog vind je ook alle eerder verschenen berichten
Reacties zijn van harte welkom; openbare reacties kun je hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com