
OM NOG EVEN IN VAKANTIESFEER TE ZIJN
Het was 14 oktober 1989, een paar weken nadat Evert en ik hadden bedacht en afgesproken dat we zouden gaan wandelen naar Santiago de Compostela in Spanje, al duizend jaar een pelgrimsoord. Evert had niet lang daarvoor kennis gemaakt met het Peters Principle 1) en ik had dik een jaar daarvoor de echtelijke woning verlaten met achterlating van mijn eerste echtgenote en mijn toen nog enige dochter. En Evert en ik gingen als veertiger in een midlifecrisis geen motor kopen maar lopen.
Het idee speelde al langer in mijn hoofd. Vele jaren waren we met de auto over snelwegen gereden naar vakantiebestemmingen, meestal in Frankrijk. Maar eigenlijk wilde ik weten hoe dat nou is als je dat hele land te voet zou doorsnijden en over landweggetjes, door dorpen, steden en bospaden één lange aaneengesloten route loopt. Een idee om bijvoorbeeld op de kaart een rechte lijn te trekken van Noordoost naar Zuidwest en die lijn dan zo dicht mogelijk volgen. Niet specifiek iets toeristisch of per se mooi, maar gewoon, hoe ziet dat er dan eigenlijk uit. Het zou dus nog iets langer worden. Van Pieterburen alle kilometers naar Santiago de Compostela onder je benen door laten gaan.
We hadden geen planning voor de hele route, dus eerst maar gewoon naar Pieterburen en de eerste twee etappes naar Groningen doen.
De start
Dat ging al meteen mis. In Groningen kwamen we laat aan (dus gewoon te laat vertrokken) en we besloten toen meteen de eerste wijziging aan te brengen in het routeschema: we zouden de route Pieterburen – Groningen in omgekeerde volgorde lopen. Toen we in Groningen uit de bus stapten die ons zou afzetten op de weg die ons naar Pieterburen zou leiden, bleek dat we aan de verkeerde kant van Groningen terecht waren gekomen, dus terug naar het centrum en toen we uiteindelijk de goede bus uitstapten, waren we klaar om de eerste schreden van de Grote Tocht te zetten.
Het begon meteen te regenen. Maar veel erger was dat Evert meteen veel harder begon te lopen dan ik kon bijhouden; hij liep al gauw vijftig meter voor me uit. Ja, hij had het al van tevoren gezegd: ieder moet zijn eigen tempo lopen. Evert had me al eens verteld dat hij in achtereenvolgende jaren met zijn drie kinderen, aan het begin van elks puberteit, een tweedaagse bergtocht heeft gemaakt in de Pyreneeën en dat hij, ook toen, die stelregel had toegepast. Ik kon het dus weten.
Alleen lopen
Ik had toen nog niet gehoord van vele grootheden uit de geschiedenis die altijd alleen er op uitgingen: Nietzsche, Kant en vele anderen liepen alleen. Bij het wandelen kunnen nieuwe ideeën opkomen en dat wordt belemmerd door de aanwezigheid van een ander, met wie je je misschien wil onderhouden of omgekeerd. Frédéric Gros beschreef in zijn boekje Wandelen 1) dat je tijdens het wandelen in de natuur nooit alleen bent, omdat je wandelend de sympathie wekt van al het leven dat je omringt: bomen, vogels en bloemen. En ook dat je eigenlijk altijd met z’n tweeën bent omdat er vaak vanzelf een gesprek ontstaat tussen “ziel en lichaam”, waarbij je je lichaam bijvoorbeeld kunt aanmoedigen: “Kom op, je kunt het, het is nog maar een uurtje lopen”. Je hebt dus eigenlijk de steun van een wandelmaat niet nodig. De NRC schreef eens dat wandelaars die met een vriend lopen minder last ervaren bij het klimmen 3). Misschien ontstaat hetzelfde effect als je je lichaam als vriend beschouwt. 4)
Toen Evert in Groningen zo van mij wegliep had ik het dus even moeilijk, maar realiseerde me dat ik daar geen verandering in zou kunnen en willen brengen. Ik heb me er snel bij neergelegd en er ook nooit meer over gemopperd. We spraken tevoren af waar we zouden pauzeren en wat onze eindbestemming van de dag zou zijn. Ik zorgde er wel voor dat ik de routekaarten bij me had en als Evert dan voor een punt stond waar hij niet wist hoe verder, dan wachtte hij me op totdat ik had geroepen linksaf of rechtdoor en dan ging hij weer verder. En als we ergens zouden stoppen, zou dat “bij de kerk” van een dorp of stadje zijn.
Greppels
Het is één keer goed mis gegaan. Ik kan me niet herinneren of we toen wel een tussenstop hadden afgesproken, maar Evert liep voor me uit, we kwamen door een dorp en ik liep naar de plaatselijke kerk. Ik kon Evert daar niet vinden en dacht: hij is al doorgelopen, we wisten immers wel de eindbestemming van die dag. Ik heb op die eindbestemming uren op Evert gewacht en toen we elkaar eindelijk troffen was Evert flink overstuur. Hij had in alle greppels langs de weg gekeken en wilde mijn vermissing al doorgeven aan het thuisfront.
We hadden namelijk (ook) afgesproken dat als we elkaar mis zouden lopen dat we dan terug zouden gaan naar de plek waar wij elkaar het laatste hadden gezien. Nou, daar was ik dus niet. Recent vertelde hij me dat zijn overstuur zijn kwam omdat ik daarvoor net had verteld dat ik wat last had gekregen van hartritmestoornissen.
Evert heeft die dag urenlang alleen gelopen, met ongerustheid als enige metgezel, en daar dus helemaal niet van kunnen genieten.
VOLGENDE WEEK SANTIAGO II
O O O O O O O O O O O O
1)Het Peter Principe werd eind jaren zestig beschreven door Laurence J. Peter en Raymond Hull van de Universiteit van Washington in een boek met de titel The Peter Principle: Why Things Always Go Wrong.
Daarin wordt gesteld dat in een hiërarchie elke medewerker stijgt tot aan zijn niveau van onbekwaamheid. Ik formuleer dat anders, in de Tweede Wet van Koet: “Wie nooit heeft gefaald kent de grenzen van zijn mogelijkheden niet”. Alleen door trial and error bereik je uiteindelijk de plek waar je thuishoort en elke tegenslag kan een leermoment zijn. Het gaat altijd fout in rigide organisaties waarin mensen blijven zitten op de plek waar zij niet optimaal functioneren.
2) Fréderic Gros. Wandelen, een filosofische gids. 2022
3) NRC 17 juni 2008 “Helling oogt minder steil met een vriend”
4) Ook volgens Gerry and the Pacemakers loop je nooit alleen:
When you walk through a storm
Hold your head up high
And don’t be afraid of the dark
At the end of a storm
There’s a golden sky
And the sweet silver song of a lark
Walk on through the wind
Walk on through the rain
For your dreams be tossed and blown
Walk on, walk on
With hope in your heart
And you’ll never walk alone
O O O O O O OO O O O
Foto: Jan
Reacties zijn van harte welkom; openbare reacties kun je hieronder plaatsen; reacties naar Jan kun je sturen naar koetjwm@gmail.com.
Op http://dewereldenvanjan.blog kun je je aanmelden voor wekelijkse toezending; op de die website staan ook alle eerdere berichten uit de werelden van Jan.
Geef een reactie op Jan Koet Reactie annuleren