
OVER DE TASTZIN
De tastzin is misschien wel het eerste zintuig in de ontwikkeling van levende organismen. Het zorgt ervoor dat een organisme kan ervaren wat zijn grenzen zijn. Zonder die grenzen is er geen onderscheid met de totale kosmos en geen individu. *) Er ontstaat een entiteit enerzijds en zijn omgeving anderzijds. Met de tastzin kan een organisme ervaren wanneer het niet verder kan (boem-is-ho) of dat er een bewegend voorwerp zijn plek probeert in te nemen. Kijk maar naar de reactie van een slak als je een takje er tegenaan houdt. Het reageren op een aanraking gebeurt al bij eencelligen. In dit bericht gaat het over wat de tastzin voor ons als mens betekent, te beginnen bij dokter Eijsenga.
Dokter Eijsenga
Toen ik in Scheveningen woonde was dokter Eijsenga mijn, antroposofische, huisarts. Als ik bij hem op spreekuur kwam, stak hij zijn hand uit, maar hij deed daar eigenlijk niets mee: geen stevige handdruk of een gewone handdruk, gewoon een uitgestoken hand, een bewegingsloos maar slap handje. Ik heb een vermoeden dat dat het eerste deel was van zijn inventarisatie van de klachten. Voordat je wat gezegd had wist hij of er eventueel iets aan de hand was, aan de hand van wat hij voelde in de aanraking met de hand van zijn patiënten; en natuurlijk gaf je houding, je oogopslag en het gebruik van je stem bij de begroeting hem ook al de nodige informatie. Hij ging niet zo ver om meteen zonder gesprek een receptje uit te schrijven, hoewel hij dat misschien wel had kunnen doen.
Professioneel voelen
Als mijn veronderstelling klopt heeft dokter Eijsenga de tastzin gebruikt als instrument voor zijn vak. Omdat hij dat waarschijnlijk dagelijks tientallen keren deed, dag in dag uit, jaren lang, kan het een routine zijn geworden waarbij hij je gewoon begroet en jou alle aandacht geeft bij binnenkomst, maar waarbij hij ondertussen automatisch opmerkzaam wordt gemaakt op afwijkende zaken. Of misschien wordt de informatie die zijn handen binnenkrijgen vanzelf toegevoegd aan het totaalbeeld dat hij van de patiënt heeft, aan het patiëntendossier in zijn geheugen.
Mijn geliefde is fysiotherapeut en past in haar behandelingen zogenaamde ritmische massages toe. Haar handen zijn eigenlijk haar ogen, zegt zij. Zij “ziet” wat er aan de hand is en kan vaak met haar handen zaken in goede banen leiden. Haar handen hebben geleerd subtiele verschillen te kunnen onderscheiden en met haar ervaring en intuïtie kan zij aan die verschillen een betekenis toekennen en tegelijk kunnen haar handelingen tot verlichting leiden van de klachten waarmee de patiënten bij haar komen.
Tastzenuwen
Ik sta niet toevallig stil bij de handen. Samen met de lippen en de geslachtsdelen zijn de handen het meest toegerust met tastzenuwen en daarvan zitten er vooral veel in de vingertoppen. Dat laatste is bijvoorbeeld erg handig voor blinden die met braille lezen, want de puntjes van het brailleschrift kunnen daardoor heel erg dicht bij elkaar liggen en toch worden onderscheiden. Op andere plekken van je lichaam zitten ze zover uit elkaar dat je het verschil tussen een prik met één speld en twee prikken op drie centimeter van elkaar niet merkt (bijvoorbeeld op je rug).
Maar bij allerlei situaties zoals bij massages en helingstechnieken als Reiki , Touch for Health, Quantum Touch wordt de hele hand gebruikt. Interessant daarbij is dat de hand dan niet alleen wordt gebruikt om iets te voelen, maar ook er voor te zorgen dat die ander dan iets gaat ervaren. Dat kan warmte zijn, er kan een beweging tot stand worden gebracht van huid en spieren, maar de aanraking met de hand kan ook zonder beweging en zelfs op afstand effecten hebben; een prikkeling, een tinteling, e.d. Degenen die deze technieken toepassen spreken dan vaak over het uitwisselen van energie. Daar schrijf ik later nog over.
Mens Werk
Mijn oma liet me, lang geleden, een keer de binnenkant van mijn hand zien en wees mij de plooien aan die samen de letter M vormden. En als je omgekeerd keek de letter W. En ze zei toen dat dat betekende: Mens Werk. Ik weet niet of dat invloed heeft gehad ook mijn loopbaan, maar ik moet wel zeggen dat ik altijd graag gewerkt heb. In het midden van die M of de W zit bij mij een gebied dat vaak tintelt, er zit veel leven op die plek. Misschien is dat ook wel het gebied van waaruit healers hun helende invloed uitoefenen en kan ik dat ook. Of het is gewoon artrose.
We voelen vaak bewust omdat we er iets (anders) mee willen bereiken: doelgericht voelen. De dokter die het voorhoofd van de patiënt voelt, de timmerman die voelt of hij nog even door moet gaan met schaven, drukken in de avocado om te voelen of hij al eetrijp is, met je elleboog checken of het badwater voor de baby al op temperatuur is, en de achterband even indrukken (van mijn fiets bedoel ik dan) om te voelen of die niet te zacht is .
Lekker voelen
Maar voelen omdat het lekker is, voelen om te voelen, kennen we natuurlijk ook allemaal. Mijn oma van de vorige alinea nam mij wel eens op schoot en wreef dan zachtjes met haar hand over de rug mijn hand en zei dan: “Lekker gevoel, lekker gevoel, lekker ge-fiebelde-fabbelde-voel”. Ik kan me niet herinneren of de bedoeling was dat ik dat gevoel zou ervaren of dat zij uitsprak wat zij ervoer, maar het is me wel bijgebleven.
Over voelen en gevoel werd verder niet zo veel gesproken vroeger. Althans niet in mijn familie. En op school had onder de jongens het woord voelen iets stiekems en werd er alleen maar lacherig over gedaan: “Voelen is vies; vies voelen is lekker” .
Dat is nu wel anders. Bubbelbaden, sauna’s, massages, een hele wellness-industrie, duizenden soorten zalfjes, alles gericht op ‘lekker’ (“waarna je je weer herboren voelt en klaar om nog beter te presteren in de maatschappij”; toch fijn zo’n hoger doel of een smoes waarmee je de luxe-behandeling voor jezelf en de daarmee gepaard gaande uitgaven wilt rechtvaardigen). Tientallen boeken, cursussen en films zijn er over het zinnelijk genot. En dan hebben we het nog niet gehad over de grootste volksverhuizing in de wereldgeschiedenis die ieder jaar – met een corona-onderbreking – plaatsvindt: de miljoenen reizen naar de zon, waar je ontdaan van veel kledingstukken, de zon heerlijk op je lijf kunt laten schijnen. En tussendoor de sensatie van het zeewater, die je weer terugbrengt naar 400 miljoen jaar geleden toen we allemaal nog in de zee leefden.
Waarschuwing
Ten slotte een waarschuwing. De tastzin werkt niet effectief bij hoge snelheden. Toen ik een jaar of zeven was, speelde ik een keer buiten en was in de Bilderdijkstraat in Amsterdam lekker aan het rennen. Ik dacht als ik mijn ogen nou dicht doe, dan kan ik misschien nog harder. Het was een heerlijk gevoel totdat ik met mijn voorhoofd tegen een vitrine van Vroom en Dreesmann knalde (boem-is-ho), waarna ik thuis door mijn bezorgde moeder, die de buurvrouw erbij had gehaald, verzorgd werd voor het ei dat op mijn voorhoofd was ontstaan. ’s Avond zagen mijn ouders dat de vitrine geen glas en geen inhoud meer had, de klap was goed aangekomen. Tientallen jaren later heb ik een keer door een weiland gerend met mijn ogen dicht, het is een heerlijke sensatie die ik iedereen kan aanraden, maar toen liep er wel iemand met me mee die mijn hand vast hield en voor mij keek.
OOOOOOOOO
*) In het antroposofische werk De Twaalf Zintuigen van Albert Soesman (1987) begint Soesman met de Tastzin. Hij vertelt “een oud verhaal” dat wij eens één waren met de kosmos, dat we ons toen van die eenheid hebben losgemaakt en dat “het hele menselijke streven niets anders is dan proberen weer aan te kloppen bij de poort waaruit we zijn weggestuurd”.
Foto: Johan Leo Koet
Eerdere berichten zijn te vinden op www.dewereldenvanjan.blog
Reageren naar Jan: mail naar koetjwm@gmail.com
Reacties die je hieronder invult kunnen voor andere lezers zichtbaar worden.
Geef een reactie op Evert Reactie annuleren